Praktisch advies over uitlaatmomenten vanaf 9 weken: hoe vaak, hoe lang, en hoe vaak eruit voor een plas. Twee dingen die je los van elkaar moet plannen — een wandeling is training en beleving, een plasrondje is puur zindelijkheid.
De 5-minutenregel. Reken ongeveer 5 minuten wandelen per levensmaand, twee keer per dag. Een puppy van 2 maanden loopt dus zo'n 2 × 10 minuten. Het is een vuistregel, geen wet: kijk naar je hond en stop vóórdat hij op is.
De plusregel voor plassen. Leeftijd in maanden + 1 = het maximum aantal uren dat een puppy het kan ophouden — en dan alleen in rust. Wakker, na eten of na spelen is dat véél korter.
De wandelingen zijn losse, rustige wandelingen buitenshuis. De plasrondjes komen daar bovenop: kort de tuin in of het blokje om, alleen om zijn behoefte te doen.
| Leeftijd | Wandelingen per dag |
Duur per wandeling |
Totaal per dag |
Plasrondje elke… |
Waar je op let |
|---|---|---|---|---|---|
| 9–10 weken | 2 | ±10 min | ±20 min | 1–1,5 uur | Eerste weken buiten. Kort en dichtbij, veel laten snuffelen, niets forceren. Check bij je dierenarts wat mag vóór de tweede enting. 's Nachts nog 1× eruit. |
| 11–13 weken | 2–3 | ±15 min | 30–45 min | 1,5–2 uur | socialisatie Belangrijkste periode voor nieuwe geluiden, mensen en oppervlakken. Kwaliteit boven kilometers. |
| 14–17 weken (4 mnd) | 3 | ±20 min | 45–60 min | 2–3 uur | Meestal droog door de nacht. Begin met losloopmomenten op een veilige plek. |
| 18–21 weken (5 mnd) | 3 | ±25 min | ±75 min | 3–4 uur | Wisselen van gebit; kauwbehoefte piekt. Rust na de wandeling blijft nodig. |
| 22–26 weken (6 mnd) | 3 | ±30 min | ±90 min | 4 uur | Nog steeds geen hardlopen naast de fiets en niet structureel trappen. |
| 7–9 maanden | 3 | 35–45 min | 1,5–2 uur | 4–6 uur | Puberteit: luisteren wordt tijdelijk slechter. Houd trainingen kort en positief. |
| 10–12 maanden | 3 | 45–60 min | 2–2,5 uur | 4–6 uur | Bouw langzaam op naar het schema van een volwassen hond. |
| Vanaf 12–18 maanden | 2–3 | naar behoefte | rasafhankelijk | 6–8 uur | Pas als de groeischijven dicht zijn (grote rassen: 18 mnd of later) mag echt intensief werk: rennen, springen, lange tochten. |
Een ritme van vaste momenten maakt zindelijk worden veel sneller. Schuif de tijden naar je eigen dag.
| Tijd | Wat | Toelichting |
|---|---|---|
| 07:00 | Direct naar buiten | Eerste ding na wakker worden, nog vóór de begroeting. |
| 07:15 | Ontbijt | Daarna binnen 15 minuten weer eruit. |
| 08:00 | Wandeling 1 ±10 min | Rustig snuffelen, daarna slapen. |
| 09:30 | Plasrondje | Na het slaapje. |
| 11:00 | Kort spelen + plasrondje | 5 minuten spel is genoeg, dan rust. |
| 12:30 | Lunch + eruit | 3 maaltijden per dag tot ±4 maanden. |
| 14:00 | Plasrondje | Na de middagslaap. |
| 16:00 | Wandeling 2 ±10 min | Ander rondje dan 's ochtends: nieuwe prikkels. |
| 17:30 | Avondeten + eruit | Laatste grote maaltijd ruim voor bedtijd. |
| 19:30 | Plasrondje | Water aanbieden mag, maar niet onbeperkt slobberen. |
| 22:30 | Laatste rondje | Saai en zakelijk houden, geen spel — dan slaapt hij door. |
| 03:00 | Nachtrondje tot ±11 weken | Licht laag, niet praten, direct terug naar bed. Slaapt hij door: niet wekken. |
Een puppy heeft 18 tot 20 uur slaap per dag nodig. Een overprikkelde puppy lijkt onvermoeibaar, maar bijt harder, luistert slechter en herstelt slechter. Te weinig wandelen is bijna nooit het probleem.
Geen lange stukken meelopen met de fiets, geen hoge sprongen en niet structureel trappen. Bij grote rassen sluiten de groeischijven pas rond 15 tot 18 maanden.
Volledige bescherming is er meestal enkele weken na de tweede enting. Overleg met je dierenarts waar je in de tussentijd wel en niet komt — socialisatie compleet uitstellen is ook een risico.
Bij vorst of boven 25 °C: korter, en warme dagen 's ochtends vroeg of 's avonds laat. Voel het asfalt met je hand — te heet voor jou is te heet voor zijn voetzolen.